De eerste 4 dagen
Baby
Ze zeggen weleens “het moet eerst slechter gaan, voor het weer beter gaat” en dat geld ook een beetje voor de kraamweek. In de eerste 4 dagen ervaren veel gezinnen op een aantal vlakken een negatieve lijn. Bij de baby uit zich dat in een aantal dingen:
Gewicht
Kindjes vallen af in de eerste dagen, ze verbruiken hun bruine vet namelijk totdat de (borst)voeding op gang komt. Het afvallen van je kind kan door ouders als spannend ervaren worden. Onze kraamzorg en verloskundigen houden dit uiteraard goed in de gaten. Bij 7% afvallen t.o.v. het geboortegewicht worden we met name alert. Gaat het zo goed, of zijn er aanvullende maatregelen nodig? We willen voorkomen dat een kind meer dan 10% afvalt.
Kleur
De meeste kindjes worden een vleug geel, wat rond de 4e dag zichtbaar is. Dit komt door de stof bilirubine, een afvalproduct van bloed. Alle kindjes vernieuwen hun volledige bloed in de eerste dagen, dus veel bilirubine komt vrij. Indien bilirubine (veel) te hoog wordt kan dit hersenschade veroorzaken. Gelukkig gebeurt dit zelden, omdat we samen alert zijn op de kleur. Lees hier meer over de kleur van je baby. De oplossing voor geel zien is zorgen dat de voeding op gang komt, een kind raakt bilirubine namelijk kwijt via de spijsvertering. Wordt een kindje toch té geel, dan laten we (vaak aan huis) bloedprikken, bij een te hoge waarde bilirubine krijgt een kind lichttherapie in het ziekenhuis.
Onrust/huilen
Per dag kan het huil- en slaapgedrag van een kind verschillen. Er vinden cluster uurtjes plaats waarin hij of zij ineens veel vaker wilt drinken of er zijn onrustige uurtjes waarin je kind vooral troost en contact nodig heeft. Onze tip bij een onrustig kind: doe een check rondje:
- Kan het honger zijn?
- Vieze luier?
- Te warm of te koud?
- Is het zuigbehoefte (borst of pink aanbieden om op te zuigen)?
Geen van bovenstaande? Accepteer de onrust, pak je kind lekker bij je om hem/haar te laten voelen dat je er bent. Doe dit waar mogelijk vooral in teamwork, zodat je partner even kan rusten als de ander aan het troosten is.
Luiers
- Per dag komt er ongeveer 1 plasluier bij, dus op dag 3 zijn 3 plasluiers voldoende. Het kan dus zijn dat je lege luiers verwisselt!
- Het kan zijn dat er uraten in de luier zitten, deze zien eruit als roze kristallen. Dit oogt soms als bloedverlies. Dit is een teken van dehydratie van het kind. Dit is voor even onschuldig, maar wel een signaal om samen goed te checken of de voeding op gang komt.
- De poep begint te verkleuren in de loop der dagen, van zwart, naar bruin, soms via groen naar mosterd en uiteindelijk geel. Bij borstvoeding noemen we het laatste stadium van poep een spuitluier. En spuit heet het niet voor niets, bescherm het behang als je de luier opent!
Moeder
Ook bij moeder gebeurt er veel de eerste dagen. Waar je in de eerste 24 uur nog hyper van de adrenaline kunt zijn, kun je in de dagen daarna ook een dipje ervaren. Logisch, want met name adrenaline en progesteron duiken omlaag, en een daling van deze hormonen kunnen je een neerslachtig gevoel geven. Vergelijkbaar met PMS (premenstrueel syndroom). Huilen, praten, het er laten zijn en goed zorgen voor je basisbehoeften (slapen, eten, drinken), zijn de beste tips om hiermee om te gaan. Voor partners ook heel waardevol om dit te weten en liefdevol te kunnen ondersteunen. Fysiek gebeurt er ook veel:
Borsten
- Stuwing: of je nu wel of geen borstvoeding geeft, bijna iedereen krijgt last van stuwing. Vollere borsten door een toename van vocht, klierweefsel en melk. Dit is een automatische reactie van je lichaam na de bevalling. Stuwing heeft vaak een piek op de 4e dag en kan 1,5-2 dagen aanhouden. Je borsten kunnen zo gestuwd zijn dat het gevoelig of zelfs pijnlijk is. Ook kun je er lichte verhoging van krijgen en je koortsig voelen. Dat is normaal. Het helpt om paracetamol te slikken tot je de stuwing door bent. Daarnaast zijn tips: gekoelde koolbladeren om je borsten leggen, koelen met andere koel kompressen (na de voeding), strakke sport BH dragen, niet te warm douchen. Indien je borstvoeding geeft, leg je kindje dan zo vaak aan als die wilt om de stuwing wat weg te drinken. Kolven om de stuwing weg te krijgen kan averechts werken. Als je geen borstvoeding geeft, drink dan 1-2 koppen sterke saliethee per dag, dit remt de borstvoeding en hopelijk ook de stuwing.
- Tepels: als je kind aan de borst drinkt is dit plots een flinke belasting voor je tepels. Als deze gevoelig zijn of de aanlegtechniek is niet optimaal, kunnen tepelkloven ontstaan. Kleine wondjes op je tepel. Tips hierbij zijn:
- Wees streng op goed aanhappen, bij twijfel of pijn opnieuw aanleggen zie filmpjes aanleggen
- Na het drinken een druppel melk op je tepel laten zitten en aan de lucht laten drogen
- Hydrogelpads (verkrijgbaar in onze praktijk)
- Als aanleggen pijnlijk is en niet meer gaat, zou kolven een optie kunnen zijn, doe dit altijd in overleg met de kraamzorg of verloskundige
Gelukkig genezen tepelkloven met het juiste beleid binnen 1-2 dagen. Heb je geen kloven, maar toch pijnlijke tepels? Bespreek dit dan goed met de kraamzorg of verloskundige. Soms moeten je tepels gewoon wennen aan het gevoel. Vaak komt het door een verkeerde aanlegtechniek of is er sprake van spruw (schimmelinfectie).
Buik
- Baarmoeder: hopelijk zijn de naweeën gestopt na de eerste 24 uur. Tijdens het geven van borstvoeding kun je nog steeds krampen ervaren. Deze zorgen ervoor dat je baarmoeder weer krimpt. De kraamverzorgster controleert of deze goed zakt. Een lege blaas helpt daarbij, dus zorg dat je regelmatig blijft plassen. Zeldzaam is een baarmoederontsteking, hierbij zakt de baarmoeder niet goed, krijg je koorts en buikpijn en stinkt je bloedverlies meer dan anders. Bel dus altijd als je deze symptomen bemerkt.
- Plassen: ga bij elk voedingsmoment zelf ook even plassen. Het kan zijn dat het gevoel van moeten plassen nog niet goed hersteld is, dus zonder aandrang toch gaan is verstandig. Spoel de eerste dagen nog na met wat water om schoon te maken, of ook tijdens het plassen als het branderig voelt.
- Darmen: het kan zijn dat het deze dagen nog niet lukt om te poepen. Je darmen moeten na de bevalling weer op hun plek komen en zijn door hormonale schommelingen hun werking tijdelijk kwijt. Eet voldoende vezels en drink 2L water per dag. Na de 4e dag zijn er soms laxerende medicijnen nodig om je ontlasting op gang te krijgen. Belangrijke tip: hou het niet op! Het is heel spannend om voor het eerst te poepen na een bevalling, zeker als je hechtingen hebt. Gelukkig gaan die hechtingen niet open en kun je ze ook niet kapot maken. Rustig ontspannen gaan zitten en het laten gebeuren is de truc.
Vaginaal
- Bloedverlies is nog steeds normaal, grote verbanden elke 3 uur mag nog. Het kan ook zijn dat het veel minder is en je aan een klein verbandje genoeg hebt. Vaak als je weer wat meer in beweging komt neemt het bloedverlies weer iets toe.
- Hechtingen: deze dagen zijn de hechtingen die je misschien hebt nog belangrijk en functioneel. We laten deze dus gewoon zitten. Vanaf de 4e dag kan het zijn dat hechtingen wat ‘trekkerig’ gaan voelen. Dit is vervelend, maar een goed teken. De wondranden zijn dan aan het genezen! Tips voor verzorging zijn: spoelen met water en 1-2x per dag luchten. Dus onderbroek en verband uit en even op een celstofmatje bloot liggen onder de dekens.
- Sommige wonden gaan wat wijken. Als er een bacterie in zit of nog veel wondvocht gaat de wond dan juist wat verder open i.p.v. dicht. Vervelend, want genezing duurt dan iets langer. Maar niet erg, het is juist goed dat de wond dan nog even open blijft zodat viezigheid en vocht eruit kunnen. Daarna kan een wond weer net zo mooi genezen als elke andere wond. De kraamzorg bekijkt de wondgenezing dagelijks. Vraag gerust of je met een spiegel mee mag kijken, vaak voelt het erger dan dat het eruit ziet.
Mentaal
Zoals in de opening al benoemd kun je richting dag 4 best weleens wat mentale dips ervaren. Logisch ook met die keldering van alle zwangerschaps- en beval hormonen en daarbij alle hierboven genoemde fysieke uitdagingen. In elke andere situatie zou je je nu terugtrekken om alles rustig te verwerken en te herstellen, maar het ouderschap en verzorging van jullie kind vraagt ook al veel. Probeer te accepteren dat er nu veel gebeurt en dat je daar ook sombere gevoelens en huilbuien bij mag hebben. Namen als ‘de kraamtranen’ en ‘babyblues’ zijn hiervoor bedacht. Uithuilen, veel praten en goed voor jezelf zorgen zijn het beste op dit moment. Waarbij goed voor jezelf zorgen betekent dat je voedzaam (en lekker) eet, doucht en zorgt voor goede hygiëne en de hoeveelheid slaap pakt die mogelijk is. Slapen jullie te weinig? Geef dit dan aan, vaak kunnen we oplossingen bedenken om aan meer of betere slaap te komen. Hulp inzetten van je omgeving is ook goed om te doen: maaltijden brengen, boodschappen doen, een goed gesprek. Doe wat nodig is. Bij een normaal verloop van de babyblues zie je dat het na de 4e-5e dag elke dag weer een beetje beter gaat. Zo niet? Geef het aan!
Voeding
Wanneer je borstvoeding geeft is het heel normaal dat het een paar dagen duurt om dit op gang te krijgen. Wanneer je kind goed aanhapt en zo’n 10 min per borst
kan drinken, is dat een heel goed teken. Als je kind daarnaast ook plast en poept en niet te veel afvalt is er geen reden om extra maatregelen voor de voeding te nemen. Een kind heeft minder melk nodig dan de meeste mensen denken, zie de afmeting hiernaast voor de grootte van een babymaag in de eerste dagen.
Situaties waarbij we rond dag 3-4-5 wel extra maatregelen nemen bij borstvoeding zijn:
- Kind valt teveel af (>7% van geboortegewicht)
- Kind is onrustig na de borst en niet tevreden
- Kind heeft weinig plasluiers met uraten
- Kind kan temperatuur niet zelf stabiel houden
- Kind kan nog niet goed doordrinken of aanhappen aan de borst
In deze gevallen adviseren we om te starten met kolven. Hiervoor kun je een kolf huren via bijvoorbeeld MyPump of Borstvoeding en meer. De kolf kan werken als stimulatie voor het op gang brengen van de productie en/of om moedermelk te hebben om je kindje mee te voeden. Afhankelijk van de situatie adviseren we om jullie kind volledig of een beetje bij te voeden via een spuitje (heeft de kraamzorg) of een flesje. Per gezin maken we een persoonlijk plan met dingen als:
- Wel of niet aanleggen en hoe lang
- Wel of niet bijvoeden en hoeveel
- Wel of niet kolven en hoe lang
- Wel of geen gebruik maken van een tepelhoedje (plastic cupje over tepel wat aanhappen makkelijker maakt voor een kindje).
Hierbij is ons doel dat het voedingsmoment niet te lang duurt en voor jullie uitvoerbaar is. Vaak zijn deze maatregelen van tijdelijke aard, en zijn gemiddeld 2-4 dagen nodig. Er zijn vele wegen naar Rome als het gaat om borstvoedingsbeleid, geef dus goed aan wat jullie wel en niet zien zitten!
Geef je flesvoeding?
Dan hoog je de hoeveelheid voeding per dag met 10cc op. Dus op dag 4 krijgt een kind elke 3 uur 40cc voeding aangeboden. Afhankelijk van de situatie kan dit iets meer of minder zijn. Je kunt voeding in grotere hoeveelheden klaar maken en bewaren in de koelkast. Na klaarmaken direct in de koelkast zetten en maximaal 8 uur bewaren. Buiten de koelkast kun je de voeding na klaarmaken maximaal 1 uur bewaren.
Klaargemaakte voeding kun je het beste opwarmen door het flesje met melk in een bakje heet water te zetten. Niet gekookt. Iets warmer dan kamertemperatuur is al warm genoeg.
Bij flesvoeding hebben kindjes soms sneller last van boertjes of darmkrampjes. Onze tips:
- Je kind mag 15-20min doen over het drinken van de fles. Gaat dit veel sneller in een paar minuten ? Check dan de speen die je gebruikt of deze nog kleiner kan, of las pauzes in.
- Je kind mag geen smakkende of klakkende geluiden maken tijdens het drinken. Dan komt er extra lucht mee naar binnen. Check houding of speen om dit te voorkomen.
- Voed je kindje wat rechtop en laat hem of haar niet liggen op de rug. Op die manier moet een kindje meer zelf zuigen om de melk uit de fles te krijgen i.p.v. dat het vanzelf naar binnen loopt.
- Laat je kind na het drinken nog een paar min in dezelfde houding om alles goed weg te slikken en til het daarna pas over je schouder voor een boertje.
Overig
Zorg dat je in deze dagen de aangifte bij de gemeente geregeld hebt! Hier heb je geen document voor nodig. Dit kan in veel gevallen digitaal op de website van de gemeente waarin je kind geboren is.
Door de aangifte wordt jullie kind automatisch aangemeld voor het consultatiebureau. Deze komen tussen dag 4-8 langs voor de hielprik en gehoortest.
Na de aangifte krijg je binnen een paar dagen een BSN nummer van jullie kind, met dit BSN nummer kun je jullie kind inschrijven op een van jullie zorgpolissen.
De verloskundige komt langs rond dag 2, 4 en 7. Zoals je hierboven kunt lezen is de 4e dag een belangrijk bezoek. Zij kan dan ondersteunen bij het maken van voedingsplannen, fysieke tips en mentale ondersteuning. Alles wat we kunnen doen om jullie deze dagen goed door te komen.
Partners
En jij als partner dan?! Je kind en vrouw gaan door veel lichamelijke processen deze dagen, maar jij natuurlijk ook. We weten dat ook de hormonale balans bij partners verandert na de bevalling, je slaapt anders, hebt ook een bevalervaring te verwerken, bent ouder geworden en krijgt ineens veel zorgtaken op je. Belangrijk dat de tips voor moeder ook voor jou gelden: goed en lekker eten en drinken, slapen wanneer je kunt slapen, hulp inzetten en vooral: uitspreken als het niet gaat. We zorgen voor een gezin als geheel, niet alleen voor moeders en pasgeborenen. Het hele gezin moet in balans zijn voor een goede start van het ouderschap.
